Als een koningin

Na een winterstop vonden wij, mijn vriendin en ik, 21 en 22 maart wel weer mooie dagen om ons Pieterpad seizoen te openen. Deze keer waren de etappes Hardenberg – Coevorden en Coevorden – Sleen aan de beurt. We hadden besloten om deze keer niet elke dag erheen te rijden, maar om te overnachten in Coevorden en van daaruit onze wandelingen te beginnen.
 
Een overnachtingsplek zoeken in Coevorden was niet direct ingewikkeld, alleen het hotel was op geen enkel tijdstip van de dag bereikbaar. Het is dus een B&B geworden niet al te ver van het centrum, en zeker niet ver van onze routes. Op 21 maart zo tegen tienen parkeerden wij onze auto’s bij de B&B. De gastheer ontving ons vriendelijk. We mochten de koffers al op de zeer eenvoudige kamer, met douche op de gang, zetten. Ook kregen we een kopje koffie aangeboden.
 
Een oude dame zat bijna bewegingsloos en kaarsrecht, als een koningin op een troon, in haar pyjama op de bank. Ik gaf haar een hand en zei tegen haar: “wat hebt u warme handen”. “Ik kom net uit bed”, zei ze. Onze gastheer gaf aan dat eerst zijn moeder de B&B had gerund, maar dat ze dat nu niet meer kon en omdat hij toch gestopt was met werken, had hij het overgenomen. “Mooie orchideeën”, zei ik tegen haar. “ze zijn niet echt hoor, van plastic”, zei ze. Ook het groene gras buiten was van plastic.
 
Na het kopje koffie vertrokken wij voor onze eerste etappe van het jaar. Zoals gebruikelijk liepen we weer precies de verkeerde kant op. Maar wat maken nou twee kilometers uit op 21? Het was een stevige tocht door zeer weidse en waaierige landschappen. Geen koe, schaap, of boer kwamen we tegen. Gelukkig bleef het, met een schraal zonnetje, droog. Traditioneel sloten we de wandeldag af met een glas droge witte en deze keer in Hardenberg. Met de trein terug naar Coevorden, waar we zo tegen zessen op onze kamer terug waren. Niet stuk te krijgen zijn we ’s avonds, na een opfrisbeurt, ook nog naar het centrum gelopen om daar te eten.
 
De volgende ochtend was het al ver voor acht uur dag en na wat getut waren we klaar voor het ontbijt. Het ontbijt stond opgediend op de eettafel beneden. Koffie, thee, sju, een eitje, goed ontbijtje. Belangstellend vroeg ik aan onze gastheer of zijn moeder nog niet op was. “Nee, nog niet, ze is vannacht nogal aan het spoken geweest. Ze heeft soms dromen dat ze mij moet zoeken en dan gaat ze op pad. Nu heeft ze midden in de nacht in haar pyjama bij de buren aangebeld. Ze is nog steeds bang dat ik weer wegga naar Azerbeidzjan, daar had ze altijd zo’n moeite mee”, vertelde hij.
 
De diagnose alzheimer was gesteld, net als bij zijn vader, die vijf jaar geleden was overleden. “Die heeft me twee jaar niet gekend, das verschrikkelijk, als het zover met mijn moeder is dan stop ik met de verzorging en gaat ze naar een verpleegtehuis, dan wordt het me teveel”.
 
Toen wij weer op Pieterpad gingen zat moeder weer bewegingsloos en kaarsrecht in haar pyjama op de bank. 

Als een koningin.